Recensie over mijn werk op Over Textielkunst

Textiel geeft ons warmte, bescherming en status.
Het vertelt over wie we willen zijn,
hoe we leven of wat we hebben meegemaakt.
In mijn werk speelt textiel de hoofdrol.
De figuratieve en abstracte elementen vertellen hun eigen verhaal.
Stof als echo van persoonlijk verleden of collectieve ervaring.

Waardoor word je aangetrokken tot textiel?
• Textiel is de rode draad in mijn leven. De liefde voor stoffen kreeg ik mee van mijn moeder die creatief was met naald en draad. Al spelenderwijs raakte ik vertrouwd met textiel en naaimachine. Na mijn opleiding en werk als Intensive Care-verpleegkundige, volgde ik de costumière- en coupeuse opleiding. Tot op de dag van vandaag geef ik naast mijn kunstenaarspraktijk Creatieve Naailessen aan tieners en volwassenen.

Wanneer besefte je dat textiel ook een medium voor kunst kon zijn?
• Gaandeweg kreeg ik behoefte om andere dingen met stof te doen dan alleen het maken van kleding. Doordat ik experimenteerde met eenvoudige quilttechnieken, begon ik te beseffen dat textiel ook een verhalende kracht heeft. Tijdens het bezoek aan een expositie van het werk van Louise Bourgeois werd ik diep geraakt door haar werk “Cells”. Zij gebruikt textiel vanwege de emotionele lading die dit materiaal voor haar heeft uit haar jeugd. Om me verder te verdiepen in de mogelijkheid om textiel in te zetten als materiaal in autonome kunst ben ik naar de kunstacademie gegaan.

Waarom werk je graag met textiel?
• Het is een makkelijk te bewerken materiaal waar ik veel ervaring mee heb, zacht, soepel en heeft eindeloos veel mogelijkheden in zich voor experiment, verwerking én expressie.
Textiel is letterlijk overal om ons heen. Het geeft ons warmte, bescherming en identiteit.
Voor mij fungeert textiel met haar gebruikssporen als verhalenverteller, als bruggenbouwer in de tijd. Het vertelt over wie we willen zijn, hoe we leven of wat we hebben meegemaakt.
Stof als echo van een persoonlijk verleden of een collectieve ervaring.
Het volgend citaat verwoordt prachtig waarom ik graag met textiel werk:
Levens hangen aan een zijden draadje, het weefsel vormt het verband.
Beschermend of uitbundig, alledaags of edel;
overal, in alle tijden, schept textiel een band,
tussen heden en verleden, tussen individu en groep, tussen mens en religie.
Textiel onderscheidt het mannelijk en het vrouwelijke
en vergezelt je op alle etappes van je leven;
van luier tot lijkwade.
(Uit: Kleurenpracht, C Legrand van Oxfam Novib)

Wat is je favoriete techniek?
• Eigenlijk heb ik geen favoriete techniek maar probeer ik van alles uit, afhankelijk van het verhaal in mijn hoofd of van wat het beeld nodig heeft. Zo heb ik stoffen gesmolten, gevuld, opgehangen, verstevigd, gescheurd, gespijkerd etc.
Constructief gezien naai ik het liefst alles aan elkaar met meestal zichtbare steken, mede door een quote van Louise Bourgeois: “ I have always had a fascination of the needle, the magic power of the needle. The needle is to repair the damage”.

Werk je ook wel eens in een ander medium?
• Textiel is slap van zichzelf, dus soms is het nodig oplossingen te verzinnen om stevigheid te krijgen, vooral bij ruimtelijk werk. Daarvoor gebruik ik andere materialen zoals houtlijm, glashars, textielverharder, gesso/schelpenzand, acrylverf. Verder gebruik ik graag oude handschriften/foto’s en fournituren, zoals drukknoopjes, jarretels.

Welke opleiding heb je gevolgd?
• NAU- Nieuwe Academie Utrecht, richting Vrije kunst, textiel
Masterclass Frans Megens, Nijmegen
Upgraders in Art, Arnhem

Wat inspireert jou?
• Als ik een oude handschoen eenzaam en stilletjes op straat zie liggen of een klein zakdoekje, of wanneer ik een paar oude jarretels vind op de rommelmarkt, beginnen de gedachten te komen: van wie zijn die geweest, hoe zijn ze gebruikt, wat kunnen ze hebben meegemaakt. In mijn hoofd worden het verhalen over mensen, kleine geschiedenissen. Deze gedachten en associaties vormen de aanleiding om aan een werk te beginnen.

Heb je een hoofdthema?
• Het verhaal van de ander boeit mij enorm. Kernwoorden hierbij zijn ontmoeting, vreugde, verdriet, vergankelijkheid, kwetsbaarheid en kracht.

Hoe heeft je werk zich ontwikkeld?
• Aanvankelijk leerde ik op de academie om vanuit het materiaal zelf te werken op een abstracte manier. Ik maakte grote werken van nieuwe stoffen. Gaandeweg besefte ik dat ik de oude textiel het meest interessant vind omdat daarbij spontaan en associatief de verhalen ontstonden in mijn hoofd. Ik ben gebruik gaan maken van mijn verzameling oude textielrommeltjes en heb deze steeds verder uitgebreid. Er ontstonden beelden van oude kanten kleedjes die ik verhard heb met houtlijm en ophing. Geruime tijd heb ik ruimtelijk werk gemaakt van gevonden handschoenen en oude zakdoekjes, babyhemdjes.
Momenteel maak ik collages en reliëfs van vintage textiel, kledingfragmenten gecombineerd met oude brieven, foto’s en fournituren.

Voor het volledige artikel zie www.overtextielkunst.nl